Harry Mulisch, De Verteller

9 jan

of een idioticon voor zegelbewaarders.
Zo luidt de ondertitel van ‘deze wonderbaarlijke familieroman, die zich in meer dan één opzicht onderscheidt van andere familieromans…’(flaptekst).
Ja, dat mag je wel zeggen. Mulisch hanteert een experimentele stijl, waarin het vertellen van een enigszins begrijpelijk verhaal naar de achtergrond wordt gedrongen. Het boek kwam uit in 1970 en moet dus in de zestiger jaren zijn geschreven, een tijd waarin veel kunstenaars experimenteerden met nieuwe vormen. Aan de ene kant paste het wel in de tijd, aan de andere kant schreef de overgrote meerderheid van de auteurs romans in een begrijpelijke Nederlandse zinnen. De kritiek was vernietigend. Nu kun je je afvragen of dat terecht was, het is immers wel vaker voorgekomen dat tijdgenoten de kwaliteit van een kunstwerk niet zagen, zodat je pakweg veertig jaar later denkt, wauw, dat ze dat toen niet zagen, die critici.
Ik heb het boek gelezen, heb me bij tijd en wijle gedwongen om verder te lezen, en ik ben niet blij. Het verhaal van een man die acht tanden heeft laten trekken en nu op zijn jacht wacht tot een noodprothese klaar is, en intussen zijn verleden overdenkt, ontspoort tot een bal woordspaghetti, met daarin alles, maar dan ook alles wat de schrijver inviel. Het levert, om een ander beeld te gebruiken, erg veel wonderbaarlijke bomen op. Probeer daar doorheen het bos nog maar eens te zien! Het verhaal, voor zover het nog te volgen is, wordt onderbroken door tien zegels, aparte teksten, en een brief waarvan op negen verschillende plaatsen een stukje opduikt.
Hoe je met een dergelijke tekst, roman zou ik het niet noemen, omgaat, ligt aan je basisinstelling. Ga je er vanuit dat je het boek leest van een van de grootste Nederlandse schrijvers, dan kun je het boek lezen en herlezen en aan de dingen die je aanvankelijk ontgaan, betekenis toekennen. Je kunt je daarbij laten helpen door het boek ‘De verteller verteld’ waarin Mulisch een uitgebreide uitleg geeft. Hij schreef dit nadat de kritiek weinig had heel gelaten van zijn wonderbaarlijke familieroman. Dat kan. Je kunt er vanuit gaan dat de schrijver heilig is en dat het aan jou moet liggen als je het boek niet waardeert, of begrijpt. De meeste lezers haken echter gewoon af. Sommige lezers kunnen zelfs kwaad worden: wat is dit voor gedoe, waarom haalt de schrijver er te pas en te onpas allerlei referenties bij uit de oudheid, de alchemie, getalspelen en wat al niet meer? Wil hij laten zien hoe belezen en erudiet hij is, is het grenzeloze ijdeltuiterij, zal de lezer hem worst zijn? Zoals ik al zei, het hangt af van de basisinstelling, ben je een bewonderaar door dik en dun, een neutrale lezer, of kritisch tot wantrouwend ten opzichte van de schrijver?
Eén ding is duidelijk, door te vergeten dat je een verhaal wilde vertellen en jezelf te vermaken met allerlei taalspelletjes die jij als schrijver erg amusant vindt, raak je de lezer kwijt. Omdat ik al jaren schrijfcursussen geef, is dat ook de manier waarop ik naar de verhalen van anderen kijk. Dit blijkt niet te werken. Overigens heeft Mulisch dat zelf ook begrepen. Wel heeft hij eerst nog een uitgebreide uitleg geschreven bij De Verteller, maar in zijn latere werk is hij afgestapt van dit experimentele procedé.
Was het lezen van dit boek verspilde tijd? Nee, het is goed om te zien hoe je je als schrijver los kan maken van alle afspraken over het schrijven. Oké, je kan daarin te ver gaan, maar toch, zo’n exercitie maakt je wel vrijer. Sommige spelletjes zou je zelf kunnen spelen om je gevoel voor taal te vergroten, zoals de dropping van een brood: ‘- en plotseling hing het brood als een wolk vogels in de blauwe lucht…’ waarna een broodvormige wolk verschijnt van tegen de veertig woorden die allemaal met brood te maken hebben.

2 Reacties naar “Harry Mulisch, De Verteller”

  1. plijdsman 9 januari 2012 bij 17:48 #

    hahaha die Mulisch. Ik ken het boek niet maar vind je bespreking helder, ik heb er nu een beeld van. Snap echter één zinnetje niet, onderaan schrijf je ergens ‘dat werkt niet’, bedoel je woordspelletjes in een verhaal door cursisten? Graag dit nog even verhelderen.
    Ik heb van Mulisch ooit op de hbs ‘HERFSTDRADEN’ gelezen, voor mij een begin van mijn literatuuronderzoek. Later ‘HET STENEN BRUIDSBED’ en ‘DE RATTENKONING’. Het stenen bruidsbed kwam goed binnen, ik voelde me lopen in Dresden tussen de brandende gebouwen. De rattenkoning kocht ik omdat ik net iets gelezen had over een rattenknoop maar vond het verhaal toen moeilijk, een rattenknoop. Er is zoveel te lezen dat Mulisch eigenlijk naar de achtergrond is verschoven. Kwam hem met zijn gevolg (waaronder zijn vrouw en een knappe zoon) weer tegen in levende lijve toen ik schrijvers ontving en naar hun plek wees (haha) en een vrijwilliger aan hen koppelde op een van de lezersfeesten. Een leuke happening waarbij ik diverse BNNers in het echt tegenkwam, hen drankjes bracht en betrokken werd bij hun gesprekken, ook aan het eind van de avond waarbij de drank zijn werk had gedaan. De slappe lach met Kees van Kooten en de zanger van een Nederlandse band gehad, leuk.

    • keesschrevel 9 januari 2012 bij 19:05 #

      Dit blijkt niet te werken slaat op de experimentele manier waarop De Verteller is geschreven. Leuk trouwens dat deze blog zoveel herinneringen losmaakte.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: