Tag Archives: bandontwerp

Graham Greene, Heerschappij van de angst

9 jun

Graham Greene - Heerschappij van de angst-291x179De oorspronkelijke titel is The Ministry of Fear en ik zie niet goed waarom niet voor een letterlijke vertaling is gekozen. Voor alle zekerheid sloeg ik een paar woordenboeken op, maar daarin vond ik geen andere betekenis dan ons ministerie. Voor alle volledigheid: een Ministry komt ook voor in de Presbyteriaanse kerk.

Het boek gaat over angst, angst in de Tweede Wereldoorlog in Engeland, dat er een Vijfde Colonne aan het werk zou zijn. Die gedachte leefde niet alleen daar, ook in Nederland waren mensen die hoopten op een overwinning van Duitsland en daaraan wilden meehelpen. En in Duitsland was de angst voor spionnen gemeengoed – Der Feind hört mit! In deze roman wordt gezegd dat er onder Hitler zelfs een Ministry of Fear was opgericht om een diep wantrouwen onder de bevolking te verspreiden.

De tijd die Greene in deze roman oproept is 1941-’42, de plaats hoofdzakelijk Londen dat avond aan avond onder vuur ligt van Duitse bommenwerpers. Straten of delen van straten liggen in puin, heel wat mensen slapen in schuilkelders. De Londenaars gaan er op een zo-is-het-nu-eenmaal manier mee om. Lastig dat een treinstation is uitgevallen, vervelend de omwegen. Het is een mild cynisme dat Greene goed ligt. De hoofdpersoon, Arthur Rowe, leeft met een groot schuldgevoel. Hij heeft zijn vrouw vermoord. Dat hij niet is veroordeeld maar naar een psychiatrische kliniek is gestuurd, verergert dat. Geen boete na schuld. Allengs wordt duidelijk dat zijn vrouw ongeneeslijk ziek was en veel pijn leed. Als we dit afzetten tegen de praktijk die tegenwoordig de norm is, was Arthurs daad niet goed, maar ook geen halszaak. Het moet echter voor 1940 zijn geweest en hoewel hij en zijn vrouw er niet over gesproken hadden (ook dat past wel in de tijd), was er tussen die twee een soort understanding. Greene laat zien dat medelijden niet steeds tot goeie dingen leidt. Zijn hoofdpersonage tobt erover of hij medelijden met zijn vrouw had of met zichzelf, die het niet meer aankon het lijden te zien. Destijds heeft het hele geval in de kranten gestaan, reden voor Arthur om zich stil te houden, naamloos en onopvallend te blijven. Hij woont ergens op kamers.
Als het verhaal begint wandelt hij langs een plein waar een liefdadigheidsbazar wordt gehouden. Het doet hem denken aan een idyllisch Engels verleden en met een gevoel van heimwee stapt hij er binnen. Via een paar kleine gebeurtenissen die later betekenis blijken te hebben wint hij een flinke taart. Maar zodra hij die heeft, is er iemand die hem wil overnemen, wat hij weigert. Vanaf dat moment raakt hij verwikkeld in een netwerk van sympathisanten met Duitsland en met spionnen, die zich soms bedienen van heel onverwachte strijdmethoden. Het duurt lang voordat hij verbanden gaat zien en nog langer voordat hij zelf actie onderneemt. Al die tijd speelt zijn schuldgevoel hem parten, wat zijn vijanden weten en waarvan zij gebruik maken.
Binnen een caleidoscopisch geheel van personages treedt Anna Hilfe op. Zij is met haar broer uit Oostenrijk gevlucht, en in Londen doen zij liefdadigheidswerk. Zij zal een steeds grotere rol in zijn leven spelen. En hoewel zij op het eind van het verhaal bij elkaar komen, is dat niet op zijn Hollywoods voor een lang en gelukkig leven.

De roman verscheen in 1943 en werd een jaar later verfilmd door niemand minder dan Fritz Lang [Metropolis [1927] M [1931]]. Omdat ik de inhoud van de boeken die ik las niet wil weggeven, vertel ik nooit de plot in het kort na, maar er gebeurt meer dan genoeg om een spannende film te maken. Met het schuldgevoel kon Lang kennelijk niet goed overweg, dat is ook lastiger op het witte doek te brengen, dat element is dan ook verdwenen. Blijft wel dat een topregisseur uit die tijd deze roman koos. Tot in onze tijd wordt The Ministry of Fear in Engeland als toneelstuk opgevoerd.

Dat is wel het grote voordeel van antiquariaten en boekenkramen op de markt, je komt er voor een paar euro werk tegen van auteurs die erg de moeite waard zijn. De Stille Amerikaan is onlangs nog wel door een krant heruitgegeven; daarmee werd Graham Greene opnieuw naar voren gehaald. Maar voor een nu vergeten juweel moet je het geluk hebben er tegenaan te lopen. Of je moet het geluk helpen, op internet is het nog makkelijk te vinden. Bij het scannen van de omslag zag ik ineens dat het taartplateau ook anders gezien kan worden, wat het ontwerp van Tessa Fagel nog een stuk leuker maakt.